Op 21 mei 1952 vaart het motorschip Hercules als een van de eerste schepen door de nieuw geopende sluizen bij Wijk bij Duurstede. Koningin Juliana verricht de officiele opening van het Amsterdam-Rijnkanaal. Op drie plaatsen tegelijk: in Amsterdam, in Tiel en hier, bij het sluiscomplex dat binnenkort de naam Prinses Irene zal dragen. Na twintig jaar planning, onderbreking door oorlog en jarenlange bouw ligt er nu een rechtstreekse vaarweg van 72 kilometer tussen het IJ en de Waal.
Hoe het kanaal tot stand kwam
De behoefte aan een betere verbinding tussen Amsterdam en de Rijn bestond al in de negentiende eeuw. Het Noordzeekanaal, geopend in 1876, loste het probleem voor zeeschepen op, maar de binnenvaart richting Duitsland bleef aangewezen op omwegen via de smalle, slecht bevaarbare Vecht en het Merwedekanaal. In 1931 legde de Nederlandse wetgever bij wet vast dat er een nieuw kanaal moest komen. De eerste spade ging in 1936 de grond in.
De Tweede Wereldoorlog onderbrak de aanleg. Duitse bezettingstroepen gebruikten materieel en arbeid voor andere doeleinden, en na de bevrijding moesten beschadigde onderdelen van de bouwput worden hersteld. Pas in 1952 was het gehele traject gereed. Het kanaal is 72 kilometer lang, 100 tot 120 meter breed en heeft een diepte van 6 tot 9 meter, voldoende voor de grootste Europese duwvaartkonvooien van zijn tijd.
Drie sluizencomplexen verbinden het kanaal
Het hoogteverschil tussen het IJ in Amsterdam en de Waal bij Tiel bedraagt maar een paar decimeter, maar de kanaalbodem ligt op verschillende niveaus. Om schepen soepel te laten stijgen en dalen zijn er drie sluizencomplexen aangelegd, elk vernoemd naar een lid van het Koninklijk Huis.
- Prinses Marijkesluizen te Ravenswaay: sluiskolk van 260 meter lang en 18 meter breed. Verbindt het kanaalvak ten zuiden van Utrecht met het riviertje de Lek.
- Prinses Irenesluizen te Wijk bij Duurstede: sluiskolk van 360 meter lang en 18 meter breed. Dit was bij opening in 1952 een van de grootste sluiscomplexen van Europa.
- Prins Bernhardsluizen te Tiel: de zuidelijkste schakels van het kanaal, direct voor de uitmonding in de Waal.
Bij de opening in 1952 waren de complexen bij Wijk bij Duurstede en Tiel zo indrukwekkend van schaal dat ze door deskundigen tot de grootste van Europa werden gerekend. De opening van de Prinses Irenesluizen werd bijgewoond door de gehele koninklijke familie.
De Prinses Beatrixsluis: een aparte tak
Naast de drie sluizen op het hoofdkanaal is er nog een vierde complex dat onlosmakelijk verbonden is met de geschiedenis van het Amsterdam-Rijnkanaal: de Prinses Beatrixsluis bij Nieuwegein. Die sluis ligt op het Lekkanaal, een zijtak van vier kilometer die het Amsterdam-Rijnkanaal verbindt met de Lek. Ze werd in 1938 gebouwd, dus al voor de volledige opening van het hoofdkanaal, omdat de eeuwenoude Koninginnensluis in Vreeswijk het sterk toegenomen scheepvaartverkeer niet meer kon verwerken.
De Prinses Beatrixsluis groeide uit tot het grootste monumentale binnenvaartsluiscomplex van Nederland. Rijkswaterstaat voerde tussen 2016 en 2019 een grootschalige uitbreiding uit: een derde sluiskolk werd toegevoegd om de doorstroming te verbeteren en toekomstige capaciteitsgroei op te vangen. Het complex is inmiddels een rijksmonument.
De opening van het Amsterdam-Rijnkanaal was een technische prestatie van de eerste orde. Twintig jaar na het wettelijk besluit lag er een vaarweg die Amsterdam rechtstreeks verbond met de Europese hoofdstroom.
Tijdlijn van het Amsterdam-Rijnkanaal
-
1931
Wettelijk besluit
De Nederlandse wetgever legt bij wet vast dat het Amsterdam-Rijnkanaal er moet komen.
-
1936
Start aanleg
De eerste spade gaat de grond in. Grondverzet en constructie van de sluizencomplexen beginnen.
-
1938
Prinses Beatrixsluis gereed
De zijtak met het Lekkanaal en de Prinses Beatrixsluis bij Nieuwegein wordt in gebruik genomen.
-
1940-1945
Onderbreking door oorlog
De bezetting vertraagt de aanleg. Na de bevrijding worden beschadigde bouwdelen hersteld.
-
1952
Officiele opening
Op 21 mei opent Koningin Juliana het volledige kanaal tegelijk in Amsterdam, Tiel en Wijk bij Duurstede.
-
2016-2019
Uitbreiding Prinses Beatrixsluis
Rijkswaterstaat voegt een derde sluiskolk toe aan de Prinses Beatrixsluis bij Nieuwegein voor meer capaciteit.
Betekenis voor de moderne binnenvaart
Het Amsterdam-Rijnkanaal is vandaag de dag een van de drukst bevaren binnenwaterwegen van Nederland. Zeehaven Amsterdam en de Amsterdamse haven- en industrieterreinen aan het Noordzeekanaal zijn via dit kanaal direct verbonden met het Rijnvaartnetwerk. Elk jaar passeren tienduizenden schepen de drie sluizencomplexen. De sluizen zijn ontworpen voor schepen tot 135 meter en 9 meter breedte (CEMT-klasse Va), waarmee ook moderne vijflaagse containerpontons doorheen passen.
Rijkswaterstaat beheert het kanaal en de sluizen. Bediening en monitoring vinden plaats vanuit centrale bedieningsposten. Storingen en geplande onderhoudsstops worden gepubliceerd in de ISVW-berichten (Informatie Scheepvaart Vaarwegen) en via de BAS-app.