U draait de sleutel om, de motor brult even en het schuim spat weg achter de spiegel. Dat vertrouwde gevoel kent iedere bezitter van een rubberboot of speedboot. Maar wat gebeurt er precies onder die kap, diep in de behuizing die half boven en half onder water hangt? Een buitenboordmotor is compacter dan hij lijkt en combineert in één geheel een verbrandingsmotor, een koelsysteem en een aandrijving.
Uit welke hoofddelen bestaat een buitenboordmotor?
Een buitenboordmotor bestaat uit drie duidelijk herkenbare zones. Bovenin zit de powerhead: het motorblok met cilinders, bougie(s), carburateur of directe injectie en de vliegwiel-generator. Daaronder bevindt zich de middensectie, ook wel de driveshaft housing genoemd, met daarin de verticale aandrijfas en de waterinlaatopeningen. Helemaal onderaan hangt de gearcase, de versnellings- en kegelwielkast die de draaibeweging negentig graden omzet naar de horizontale schroefas.
De schroef zelf, doorgaans een aluminium of roestvrijstalen propeller van drie of vier bladen, zet de rotatiesnelheid om in stuwkracht. Via een kegelwielmechanisme kan de schipper schakelen tussen vooruit, neutraal en achteruit zonder de motor te hoeven stoppen.
Hoe verschilt een 2-takt van een 4-takt motor?
Oudere buitenboordmotoren, zoals veel Mercury- en Yamaha-modellen van vóór 2000, zijn 2-taktmotoren. De zuiger voltooit per cyclus twee slagen: compressie omhoog en arbeid omlaag. Brandstof en smeerolie worden gemengd, hetzij vooraf in de tank (mengsmering, verhouding 1:50) hetzij via een aparte olie-injectiepomp. Het voordeel is een hoge vermogensdichtheid bij een laag gewicht. Het nadeel: hogere uitstoot van koolwaterstoffen en een wat onaangenamer geluid.
Moderne 4-taktmotoren werken met vier slagen: inlaat, compressie, arbeid en uitlaat. De olie zit in een apart carter en raakt de brandstof niet. Ze zijn stiller, zuiniger en voldoen aan de emissienormen van de EU-richtlijn voor recreatievaartuigen (Directive 2013/53/EU). Vrijwel alle nieuwe modellen van Honda, Tohatsu, Suzuki en Yamaha zijn tegenwoordig 4-takt.
Hoe wordt de motor gekoeld?
Een buitenboordmotor gebruikt het omringende oppervlaktewater als koelmiddel. Een kleine impellerpomp in de gearcase zuigt water aan via gaatjes in de onderkant van de behuizing en pompt dit langs het motorblok omhoog. Het verwarmde water verlaat de motor via een sproeigat (de zogenoemde telltale of spuiter) aan de zijkant van de middensectie. Als u die straal water ziet spuiten na het starten, weet u dat de koeling werkt. Ziet u niets? Stop de motor onmiddellijk: een verstopte impeller of waterinlaat kan binnen minuten leiden tot oververhitting.
Welke vermogens zijn gebruikelijk?
Buitenboordmotoren zijn verkrijgbaar van 2,5 pk voor een kleine rubberboot tot 350 pk voor een snelle sportboot. De meeste recreatievaarders volstaan met een motor van 15 tot 60 pk. Het vermogen bepaalt samen met de romp en het gewicht van het vaartuig of de boot op plane komt, dat wil zeggen of de boeg opstijgt en het schip over het water glijdt in plaats van door het water te ploeteren.
Wat zijn de belangrijkste onderhoudspunten?
Regelmatig onderhoud verlengt de levensduur aanzienlijk. Na gebruik in zout water spoelt u de motor altijd door met zoet water door hem kortdurend op een bak met leidingwater te laten draaien. Controleer de schroef op beschadigingen na elke uitstap. De zinkanode aan de gearcase beschermt het aluminium tegen galvanische corrosie en dient vervangen te worden zodra hij voor meer dan de helft is weggevreten. Olie in de versnellingsbak vervangt u jaarlijks of na elke honderd bedrijfsuren.