13,8 miljoen TEU: dat is hoeveel containers de haven van Rotterdam in 2024 verwerkte. Elk van die dozen doorloopt op de terminal een nauwkeurig geregisseerd traject, van scheepsboord tot vrachtwagen of trein, soms in minder dan 48 uur. Hoe dat werkt, lees je hier.
Begrijp de basisindeling van een terminal
Een containerterminal bestaat uit drie zones die in elkaars verlengde liggen. Aan de zeezijde ligt de kade, waar zeeschepen aanmeren. Erachter strekt de stapelplaats (stack) zich uit, een uitgestrekt veld van rijen containers die op elkaar gestapeld staan. Aan de landzijde bevinden zich de gates, de controlepunten waar vrachtwagens en goederentreinen containers ophalen of afleveren.
De ECT Delta Terminal op de Maasvlakte beschikt over 3,6 kilometer kadelengte en 23 post-Panamax kranen. Schepen met een diepgang tot 16,65 meter kunnen er 24 uur per dag, 7 dagen per week aanmeren, zonder rekening te houden met het tij. Dat maakt Rotterdam voor veel rederijen het eerste aanloophaven in Europa.
Volg een container van schip naar stack
Als een containerschip afmeert, gaan de kadekaanen direct aan het werk. Zo'n kraan tilt een container van de hatch en zet hem op een AGV, een Automatic Guided Vehicle. Op de ECT Delta Terminal rijden deze onbemande voertuigen volledig automatisch, aangestuurd door een centraal computersysteem. Ze navigeren via transponders in de kade en leveren hun lading af bij een Automated Stacking Crane (ASC), die de container precies op de aangewezen positie in de stack plaatst.
Sommige terminals werken met straddle carriers in plaats van AGV's. Dat zijn rijdende portaalkranen op hoge wielen die een container kunnen optillen, dragen en neerzetten. Ze zijn flexibeler inzetbaar dan een vaste kraan, maar vereisen een bestuurder. ECT Rotterdam en het Hamburger CTA zijn tot dusver de enige twee terminals in de wereld die het volledige traject van kade tot stack volledig geautomatiseerd hebben.
Zo verlaat een container de terminal via de gate
Wanneer een container voor wegtransport vrijgegeven is, meld je je als chauffeur bij de gate. Camerasystemen scannen automatisch het containernummer en de kentekenplaat. Na verificatie in het terminalbeheersysteem (TOS) ontvangt de chauffeur een instructie: rijstrook 7, stack 14, rij C, hoogte 3. Een reachstacker of straddle carrier haalt de container op en plaatst hem op de truck. Uitrijden, klaar.
Rotterdam werkt al enkele jaren met een systeem waarbij vijf grote containerterminals de uitvoerende vervoerder al aan de poort controleren. Dat vermindert wachttijden en verhoogt de veiligheid, want een truck die de verkeerde container heeft opgegeven, wordt direct geweerd.
Bekijk de cijfers: wat maakt Rotterdam bijzonder
| Terminal | Kadelengte | Max. diepgang | Automatisering |
|---|---|---|---|
| ECT Delta (Hutchison/MSC) | 3,6 km | 16,65 m | Volledig (AGV + ASC) |
| APM Terminals Maasvlakte II | ~2,5 km | 16,65 m | Gedeeltelijk automatisch |
| RWG (Rotterdam World Gateway) | ~1,5 km | 16,65 m | Volledig (AGV + ASC) |
Overslagcapaciteit groeit door naar 26,6 miljoen TEU
De deepsea-terminals op Maasvlakte 1 en 2 zitten midden in een uitbreidingsgolf. APM Terminals Maasvlakte II voegt circa 47,5 hectare en 1 kilometer extra kadelengte toe, operationeel in 2026. Daarmee stijgt de totale diepwatercapaciteit van Rotterdam van 17,8 naar 26,6 miljoen TEU per jaar, een toename van bijna 50 procent. Tegelijk zijn er plannen voor een verdere modernisering van de ECT Delta-terminal in samenwerking met rederij MSC.