Ga naar inhoud
Binnenvaart

Hoe werkt het schutten in een sluis

Stap voor stap door de sluiskolk: van seinsysteem tot uitvaren

Door Joost Bakker · Binnenvaartschipper 3 min lezen
Jacht dat een sluiskolk binnenvaart terwijl groene lichten branden

Wat doet een schip eigenlijk in die paar minuten dat de sluisdeuren dicht zijn? Schutten is het gehele proces waarbij een vaartuig van het ene waterpand naar het andere wordt gebracht via een sluis. Het waterpeil in de sluiskolk wordt daarvoor omhoog of omlaag gebracht tot het overeenkomt met het pand waar het schip naartoe wil. Pas als de niveaus gelijk zijn, gaan de deuren open.

Naderen en wachten: seinsysteem bepaalt de toegang

Bij elke bemande sluis staan lichtseinen die de volgorde regelen. Twee rode lichten: sluis buiten bedrijf. Eén rood licht: sluis in gebruik, maar wachten verplicht. Rood gecombineerd met groen: klaarmaken voor invaren, stootwillen uitleggen, trossen gereedleggen. Alleen groen: invaren toegestaan. Schippers die rood-groen verwarren met 'doorrijden mag' riskeren een aanvaring of een serieuze berisping van de sluismeester.

De volgorde van invaren is vastgelegd in de Binnenvaartpolitiereglementering. Grote vrachtschepen gaan voor, gevolgd door charterschepen, daarna kleinere beroepsvaart en als laatste pleziervaartuigen. Wie als eerste aankomt mag eerder invaren, maar de rangorde geldt altijd.

Vastmaken en wachten op het juiste peil

  1. Vaar de kolk in tot achter de middelste of voorste bolders. Houd afstand tot de sluisdeuren en tot eventuele beroepsvaart.
  2. Maak het vaartuig vast met voor- en achtertrossen. Gebruik bij opschutten bij voorkeur twee voortrossen: het instromende water kan een bootje flink wegduwen.
  3. Schakel de schroef uit. De motor mag aanstaan voor de stuurwerking, maar de schroef moet stilliggen tijdens het schutten.
  4. Laat de trossen meegaan met het stijgende of dalende peil. Maak niet te kort vast, anders hangt het vaartuig in de tros terwijl het peil al veranderd is.
  5. Wacht op het signaal van de sluismeester of op het volledig openen van de deuren voordat je de trossen losgooiit en uitvaart.

Uitvaren: stroming en volgorde

Zodra de sluisdeuren aan de uitvaarzijde volledig open zijn, vertrekt de beroepsvaart als eerste. Haal de trossen niet meteen binnen: bij grote sluizen ontstaat na het openen van de deuren nog een korte stroming die een vaartuig kan draaien. Wacht even, voel of het schip rustig ligt, en vaar dan gecontroleerd uit. Bij smalle sluizen en tegenliggers is geduld de veiligste strategie.

Bij onbemande sluizen, die in Nederland steeds vaker voorkomen op regionale vaarwegen, gelden dezelfde principes maar bediend door de schipper zelf via een drukknop, trekkoord of app. Rijkswaterstaat beheert een toenemend aantal sluizen op afstand vanuit één centraal bedieningscentrum.

Bronnen

Lees ook