Ga naar inhoud
Recreatie

Wat heb je nodig om te gaan varen

Van vaarbewijs tot veiligheidskist: alles wat je klaar moet hebben

Door Saar Vermeer · Maritiem journalist 7 min lezen
Uitrusting voor recreatievaren uitgestald op een houten steiger

Al in 1831 voer de eerste stoomboot over de Amsterdamse grachten. Sindsdien heeft Nederland de reputatie opgebouwd van waterliefhebbers bij uitstek: meer dan 500.000 recreatievaartuigen dobberden in 2024 op onze meren, rivieren en kanalen. Wil je daartussen varen? Dan is er een handvol zaken die je gewoon op orde moet hebben, van papieren tot peddels.

1. Vaarbewijs: wanneer is het verplicht?

De vaarbewijsplicht geldt voor pleziervaartuigen die sneller kunnen varen dan 20 km/u, of voor schepen tussen 15 en 25 meter lengte. Is je boot kleiner dan 15 meter en haalt die geen 20 km/u? Dan hoef je officieel geen bewijs te hebben. Toch is het Klein Vaarbewijs I (KVB1) een slimme investering: het theorie-examen bij het CBR kost slechts €12,25 en duurt 60 minuten met 40 meerkeuzevragen. Het KVB2 voegt praktische vaardigheid toe en is verplicht op schepen die wél boven de 20 km/u komen.

2. Reddingsvesten voor alle opvarenden

Schipper met vaarbewijs aan het stuur van een sloep op een Nederlandse plas

Dit is geen suggestie maar een wettelijke eis. Aan boord moet voor iedere persoon een reddingsvest aanwezig zijn dat past bij het gewicht van de drager. Het vest hoeft niet altijd gedragen te worden, maar moet direct beschikbaar zijn. Op open vaarwegen bij slechte weersomstandigheden is dragen verstandig. Voor kinderen geldt: passend vest, altijd aan.

3. Brandblusser aan boord

Een brandblusser van minimaal 2 kg is verplicht op motorboten. Gebruik een poederblusser (klasse ABC) of een CO2-blusser. Controleer jaarlijks de drukindicator en vervang of herlaad de blusser na vijf jaar gebruik. Kleine elektrische vonken bij de motor zijn de meest voorkomende brandbron op pleziervaartuigen.

4. Registratiebewijs van je vaartuig

Elk motorvaartuig met een vermogen boven 3 kW (circa 4 pk) moet geregistreerd zijn. De registratie verloopt via het Kadaster of de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW), afhankelijk van het type. Het registratiebewijs bewaar je aan boord. Zonder dit document mag de Waterpolitie je de vaart beletten.

5. Dodemansknop bij snelle boten

Op motorboten die sneller dan 20 km/u varen is een dodemansknop verplicht. Dit koord verbindt de stuurder met de noodstopschakelaar van de motor. Valt de bestuurder overboord, dan stopt de motor automatisch. Simpel, goedkoop en levensreddend.

6. Geluidsseinen: toeter of misthoorn

Een geluidsseingever is verplicht op alle vaartuigen. Op kleinere sloepen volstaat een simpele persluchttoeter of een mondfluitje. Op grotere schepen gelden strengere eisen aan het geluidsniveau. Geluidseinen gebruik je bij mist, inhalen of het aanmelden bij een sluis.

7. Vaarkaarten van je vaargebied

Navigeren op gevoel op onbekend water is een slecht idee. Actuele vaarkaarten (papier of digitaal via apps als Navionics of Waterkaart.net) tonen waterdiepten, brugdoorgangen, vaarwegmarkeringen en sluistijden. De ANWB Wateralmanak bevat aanvullende informatie over jachthavens en routes.

8. Anker met voldoende ankerketting

Bij motorpech, harde wind of een medisch noodgeval kan een anker het verschil maken tussen veilig wachten en een gevaarlijke situatie. Vuistregel: de ankerketting is minimaal drie keer de maximale waterdiepte in jouw vaargebied. Maak ook de ankertechniek van je schipper: neerkomen, vasthouden, lichten.

9. Vaartuiglichten voor na zonsondergang

Vaar je in de schemering of 's nachts, dan zijn navigatielichten verplicht: een rood licht stuurboord (rechts), groen aan bakboord (links) en een wit heklicht. Op kleine roeiboten is een zaklantaarn tijdelijk toegestaan. Controleer voor vertrek of alle lichten werken.

10. EHBO-kit en noodpakket

Wettelijk niet verplicht, maar onmisbaar. Een basispakket bevat: verbandgaas, pleister, ontsmettingsmiddel, pijnstillers, een zaklamp, een mes en isolatiedeken. Voeg een waterdichte telefoonhouder toe en sla het alarmnummer voor de waterpolitie op: 0900-8844.

Overzicht verplichte uitrusting pleziervaartuig
ItemVerplicht voorOpmerking
ReddingsvestAlle vaartuigen1 per persoon aan boord
Brandblusser 2 kgMotorbotenJaarlijks controleren
DodemansknopBoten >20 km/uNoodstop bij overboord vallen
RegistratiebewijsMotorvaartuig >3 kWBewaren aan boord
GeluidsseingeverAlle vaartuigenToeter of fluit
NavigatielichtenVaart na zonsondergangRood/groen/wit

Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen

Dat hangt af van het motorvermogen en de topsnelheid. Kan de rubberboot sneller dan 20 km/u, dan is een Klein Vaarbewijs I of II verplicht. Is het motorvermogen klein en de topsnelheid onder de 20 km/u, dan is geen bewijs vereist, maar kennis van de vaarregels blijft noodzakelijk.

Het CBR-examen voor het Klein Vaarbewijs I kost €12,25 (2025). Daar komen kosten voor een cursus bij als je die volgt, gemiddeld €100 tot €200. Het examen bestaat uit 40 meerkeuzevragen en duurt 60 minuten.

Nee. Navigatielichten zijn wettelijk verplicht vanaf zonsondergang tot zonsopgang, en ook overdag bij slecht zicht of mist. Varen zonder lichten is gevaarlijk en strafbaar onder het Binnenvaartpolitiereglement.

Bronnen

Lees ook