In 1805 bedacht een Ierse marineofficier een systeem dat tot op de dag van vandaag elke weersvoorspelling voor zeevarenden kleurt. Sir Francis Beaufort (1774-1857) verzon zijn windschaal niet achter een bureau, maar aan boord van het bevoorradingsschip Woolwich. Zijn doel was simpel: elke zeeman, ongeacht zijn moedertaal of ervaring, dezelfde taal geven om wind te beschrijven. De Royal Navy stelde de schaal in 1838 verplicht voor alle scheepsjournalen.
De schaal van Beaufort in een oogopslag
De schaal loopt van 0 tot en met 12, verdeeld in 13 krachtniveaus. Elk niveau heeft een naam, een windsnelheidsbereik in knopen en karakteristieke kenmerken op zee en land. Een knoop is 1 nautische mijl per uur, wat neerkomt op 1,852 kilometer per uur. Beaufort 4 correspondeert met 11-16 knopen; Beaufort 8 met 34-40 knopen.
- Beaufort 0: windstil, 0 knopen. Spiegelgladde zee, rook stijgt recht omhoog.
- Beaufort 1: zwakke koelte, 1-3 knopen. Kleine rimpelingen, geen schuim.
- Beaufort 2: zwakke wind, 4-6 knopen. Korte golfjes, kammen breken niet.
- Beaufort 3: lichte bries, 7-10 knopen. Kleine brekende golfjes met witte schuimkopjes.
- Beaufort 4: matige bries, 11-16 knopen. Regelmatige kleine golven, schuimkopjes talrijker.
- Beaufort 5: vrij krachtige bries, 17-21 knopen. Lange golven, overal schuimkopjes.
- Beaufort 6: krachtige bries, 22-27 knopen. Hoge golven, schuimstrepen op het water.
- Beaufort 7: harde wind, 28-33 knopen. Zee hoopt op, schuim waait in repen.
- Beaufort 8: stormachtige wind, 34-40 knopen. Hoge, lang gerekte golven, schuimstrepen dik.
- Beaufort 9: storm, 41-47 knopen. Hoge golven, krullen omvallen, zicht vermindert door nevel.
- Beaufort 10: zware storm, 48-55 knopen. Zeer hoge golven, zee wit van schuim.
- Beaufort 11: zeer zware storm, 56-63 knopen. Uitzonderlijk hoge golven, zicht ernstig beperkt.
- Beaufort 12: orkaan, 64 knopen en meer. Lucht gevuld met schuim en stuifwater, zee helemaal wit.
Lees de wind af aan het zeeoppervlak
Beaufort bedacht zijn schaal als visueel instrument. Je hebt geen meetapparaat nodig om te schatten welke kracht er staat. Kijk naar de golven, de schuimvorming en de verplaatsing van water. Bij Beaufort 6 zie je duidelijke schuimstrepen in de windrichting. Bij Beaufort 8 beginnen golfkruinen om te rollen en te breken, en waait het schuim in reepjes. Dat kun je op een kilometer afstand zien.
Op land gebruik je andere aanwijzingen: bij Beaufort 3 bewegen dunne takken, bij Beaufort 6 trillen dikke takken en bij Beaufort 8 breekt er af en toe een tak. Dat maakt de schaal universeel: geschikt voor de Atlantische Oceaan, een Noord-Hollands weiland en de haven van Rotterdam tegelijk.
Wat betekent elke kracht voor zeilers en schippers
Voor recreatieve zeilers geldt Beaufort 4 als de ondergrens voor een prettige zeildag. Boven Beaufort 6 rijst de vraag of een vaartuig de juiste uitrusting heeft. Professionele kustvaart vaart door tot Beaufort 7 of 8, mits het schip gecertificeerd is. Bij Beaufort 9 keren de meeste kleine en middelgrote schepen haven aan of zoeken beschutting.
Grote zeeschepen als bulkcarriers en containerschepen zijn geconstrueerd voor zeeën tot Beaufort 10 of 11. Bij orkaankracht (12) zoekt ook een VLCC met een laadvermogen van 300.000 ton de uitlopers van de storm. Geen enkele scheepsconstructie is bedoeld om een orkaan frontaal te trotseren.
Beaufort in de hedendaagse meteorologie
Moderne weerstations meten windsnelheid direct in meters per seconde of knopen. Toch rapporteert het KNMI ook altijd het bijbehorende Beaufort-getal, omdat dit onmiddellijk een beeld geeft van de praktische gevolgen op zee en land. Windsnelheid is een abstract getal; Beaufort 8 is een levend beeld van brekende golven en zwiepende bomen.
In de VHF-scheepsweerdienst worden berichten nog altijd in Beaufort uitgedrukt. Dat is geen nostalgie; het is efficiëntie. Een marifoonbericht van tien seconden met de mededeling "verwacht windkracht 7 tot 8 uit het noordwesten" geeft elke zeeman ter wereld precies wat hij nodig heeft.