Stelt u zich voor: uw schip zit vast in het poolijs, de winter duurt maanden, en de enige schuilplaats is een hut die u zelf uit drijfhout hebt getimmerd. Voor Willem Barentsz en zijn bemanning was dat geen hypothetische situatie. In de winter van 1596-1597 beleefden zij dit op Nova Zembla. Barentsz overleefde de terugtocht niet, maar zijn kaarten, dagboeken en ontdekkingen vormden de basis voor twee eeuwen Arctisch onderzoek.
Leer de man kennen: afkomst en opleiding
Willem Barentsz werd rond 1550 geboren in Formerum, een klein dorp op Terschelling. Over zijn jeugd is weinig bekend. Wat vaststaat: hij ontwikkelde zich tot een bekwaam cartograaf en zeevaarder. In 1594 was hij al een naam in de Amsterdamse koopvaardijwereld. Hij werkte samen met de cartograaf Petrus Plancius, voor wie hij gedetailleerde kaarten van de Middellandse Zee maakte. Die nauwkeurigheid nam hij mee naar het noorden.
Vergelijk de drie expedities
Barentsz deed drie afzonderlijke pogingen om via het noorden van Europa en Azië een handelsroute naar Indië te vinden, de zogeheten Noordoostelijke Doorvaart. Elke expeditie bereikte verder dan de vorige, maar geen enkele bereikte het einddoel.
| Expeditie | Jaar | Doel bereikt? | Belangrijkste resultaat |
|---|---|---|---|
| Eerste | 1594 | Nee | Kartering westkust Nova Zembla |
| Tweede | 1595 | Nee | Vastgelopen bij Karasche Zee |
| Derde | 1596-1597 | Nee | Ontdekking Bereneiland + Spitsbergen, overwintering Behouden Huys |
Begrijp de eerste expeditie (1594)
In de zomer van 1594 vertrok Barentsz met een kleine vloot, gedeeltelijk onder leiding van Cornelis Nay. Barentsz voer zelfstandig langs de westkust van Nova Zembla en bereikte de noordpunt van het eiland. Dat was ver. Zijn kaarten van die kustlijn waren zo nauwkeurig dat ze nog decennia lang werden gebruikt. De doorvaart zelf bleef echter gesloten: dicht ijs blokkeerde de weg naar het oosten.
Beoordeel de tweede expeditie (1595)
De tweede reis telde zeven schepen en was opgezet als een grootschalige handelsonderneming, want men rekende op succes. Die verwachting was misplaatst. Bij de Karasche Zee liep de expeditie vast op ijs en moest onverrichterzake terugkeren. De Amsterdam-se kooplieden verloren hun enthousiasme snel. Barentsz trok echter zijn eigen conclusies: een nog noordelijkere route moest het proberen.
Volg de derde en laatste expeditie (1596-1597)
Op 18 mei 1596 vertrokken twee schepen vanuit Amsterdam. Barentsz koos een koers nog verder naar het noorden. Hij ontdekte eerst een onbekend eiland dat hij Vereneiland noemde, het huidige Bereneiland. Daarna stootte hij op een uitgestrekt land dat hij Het Nieuwe Land doopte: Spitsbergen. Op Nova Zembla raakte het schip ingesloten in het pakijs. Er was geen ontkomen aan.
Het Behouden Huys: overwinteren op 76 graden noorderbreedte
Van drijfhout en planken van het eigen schip bouwde de bemanning een hut op Nova Zembla, het Behouden Huys. De winter duurde van oktober 1596 tot juni 1597. Temperaturen daalden tot min 40 graden. Ijsberen vielen de hut aan. Twee mannen stierven. In twee open sloepen vertrok de bemanning op 13 juni 1597 richting de Russische kust. Willem Barentsz overleed op 20 juni 1597, vermoedelijk aan scheurbuik of uitputting. Hij was ongeveer 47 jaar oud.
Nalatenschap: meer dan een zee met zijn naam
De Barentszzee, de zee ten noorden van Noorwegen en Rusland, draagt zijn naam. Maar zijn werkelijke erfenis ligt in de kaarten, de dagboeken en de objecten die in het Behouden Huys achterbleven. Die werden in 1871, bijna drie eeuwen later, vrijwel intact teruggevonden. Ze bevestigden dat de verslagen klopten tot op het detail. Barentsz bewijst dat ook mislukte expedities wetenschap vooruit kunnen helpen.