Een veelgehoorde misvatting is dat elke grote haven automatisch een overslaghaven is. Dat klopt niet. Niet alle havens zijn gericht op doorvoer. Een overslaghaven, ook wel transshipmenthaven of doorvoerhaven, is specifiek ingericht om goederen van het ene schip op het andere over te laden, of van zeeschip naar trein, vrachtwagen of binnenvaartschip. Rotterdam neemt op die lijst wereldwijd de eerste positie in.
Wat maakt een haven tot een overslaghaven?
In een reguliere bestemmingshaven gaan goederen rechtstreeks naar de eindgebruiker in de regio. In een overslaghaven is de lading van origine onderweg naar een andere bestemming. De haven fungeert als knooppunt. Grote containerschepen met een capaciteit van soms 24.000 TEU kunnen niet elke kleine Europese of Afrikaanse haven aandoen. Ze meren af in een hubhaven, waar de containers worden overgeslagen op feederschepen die kleinere bestemmingen bedienen.
Die transshipmentfunctie vereist een specifieke opzet: diepe vaarwateren voor grote schepen, uitgebreide kranen, voldoende opslagcapaciteit in de terminal yard en snelle verbindingen naar trein, binnenhavens en autowegen.
Waarom is Rotterdam de wereldkoploper?
Rotterdam heeft wereldwijd de meeste indirecte havenverbindingen via transshipment. In 2020 telde de haven 42.656 indirecte routes, goed voor 9,7 procent van alle wereldwijde transportroutes. Daarmee staat Rotterdam bovenaan de 'Port Betweenness'-ranglijst, voor Antwerpen (circa 34.000 verbindingen) en Hamburg (circa 26.000).
De combinatie van factoren die Rotterdam bovenaan houdt: de Nieuwe Waterweg geeft schepen tot 400 meter lengte ongehinderd toegang, er is terminalcapaciteit bij ECT en APM Terminals Maasvlakte, en de haven ligt op de kortste zeeroute tussen Noord-Amerika en Noordwest-Europa. Containerschepen van rederijen als MSC, Maersk en CMA CGM maken Rotterdam een vaste tussenstop.
Hoe verloopt een overslagoperatie stap voor stap?
- Het moederschip (main-line vessel) arriveert uit bijvoorbeeld Azië of Noord-Amerika.
- De terminal operator lost de containers met portaalkranen; het schip staat doorgaans minder dan 24 uur in de haven.
- Containers voor het Europese achterland gaan naar binnenvaartschepen, treinen of vrachtwagens.
- Containers voor kleinere Europese of Afrikaanse havens worden op feederschepen geladen.
- Feederschepen varen naar havens als Harlingen, Esbjerg of Dakar die het moederschip niet aandoet.
Zijn er ook nadelen aan een overslaghaven?
De sterke nadruk op transshipment maakt een haven kwetsbaar voor verschuivingen in het rederijbeleid. Als grote allianties besluiten een andere hub te kiezen, kan het volume snel teruglopen. Rotterdam ervaarde dat in 2022, toen de totale overslag nagenoeg gelijk bleef terwijl het transshipmentvolume schommelde door verstoringen in de wereldwijde supply chain.
Bovendien levert transshipment minder economische meerwaarde per container op dan lokale import of export. Containers die meteen verder reizen, genereren minder behandelingstijd, minder opslag en minder logistieke dienstverlening in het achterland. Havens proberen daarom transshipment te combineren met waardecreatie, zoals distributiecentra en lichte industrie op het haventerrein.
Andere bekende overslaghavens in Europa
- Antwerpen-Brugge: tweede in Europa qua transshipmentvolume, sterk in chemie en ro-ro
- Hamburg: grootste haven van Duitsland, derde in de Europese overslagranglijst
- Algeciras (Spanje): sleutelpunt voor de routes Afrika-Noord-Europa
- Gioia Tauro (Italië): purefeed transshipmenthaven voor de Middellandse Zee